Reizen: feit en fictie van milieubelasting

June 9th, 2009

In NewScientist een uitgebreid artikel over de milieubelasting van verschillende mobiliteitsmogelijkheden (bijv. auto, vliegtuig, trein). Kern van het verhaal: Het is slim om even verder te kijken en álle ‘belasting’, zoals de aanleg van railinfrastructuur, mee te nemen alvorens een beslissing te nemen of uitspraak te doen. Concreet betekent dit bijvoorbeeld dat voor lange afstanden het vliegtuig milieuvriendelijker is dan de trein.

Interview in LEV

May 20th, 2009

LEV is het nieuwe magazine van het Centre for Society and Genomics. In het openingsnummer een overzichtsartikel (p.20 e.v.) over nutrigenomics waarvoor dé experts geïnterviewd zijn die de afgelopen jaren de ontwikkeling van nutrigenomics geanalyseerd hebben: Bart Penders, Renske Pin, Amber Ronteltap, Rens Vandeberg, Rixt Komduur en Laura Bouwman.
LEV

Dissertatie online

April 20th, 2009

Het boek “Innovation through Collaboration – interactive learning in nutrigenomics consortia” is uit en staat online.

front cover

In de pers:
Technisch Weekblad
de Volkskrant
De Telegraaf
ScienceGuide
EngineersOnline
STW
NanoNed
Nuffic
StudieInfo

NanoNed promovendus bij “De Wereld Draait Door”

April 15th, 2009

Maandag 13 april 2009 was NanoNed promovendus Martin Jurna te gast bij DWDD waar hij kort en krachtig over zijn onderzoek vertelde. Dankzij een speciale microscoop die Jurna bouwde, is goed te zien wat er precies gebeurt aan het oppervlak van een pil nadat die is ingenomen.

A resource-based view on the interactions of university researchers

December 5th, 2008

After a review process of 1,5y, our article “A resource-based view on the interactions of university researchers” has been published in Research Policy.

    Abstract

The high value of collaboration among scientists and of interactions of university researchers with industry is generally acknowledged. In this study we explain the use of different knowledge networks at the individual level from a resource-based perspective. This involves viewing networks as a resource that offers competitive advantages to an individual university researcher in terms of career development. Our results show that networking and career development are strongly related, but it is important to distinguish between different types of networks. Although networks on various levels (faculty, university, scientific, industrial) show strong correlations, we found three significant differences. First, networking within one’s own faculty and with researchers from other universities stimulates careers, while interactions with industry do not. Second, during the course of an academic career a researcher’s scientific network activity first rises, but then declines after about 20 years. Science–industry collaboration, however, continuously increases. Third, the personality trait ‘global innovativeness’ positively influences science–science interactions, but not science–industry interactions.

van Rijnsoever, F. J., L. K. Hessels, and R. L. J. Vandeberg (2008). “A resource-based view on the interactions of university researchers.” Research Policy 37(8): 1255-1266.

Zinloze bedrijfsparken

November 4th, 2008

Vandaag in De Pers, door Remco Tomesen:

Valley vol pretenties leidt zelden tot iets moois

Van Greenport Venlo tot Energy Valley in Groningen: miljarden euro’s zitten in bedrijvenparken. Onderzoek roept nu twijfels op over de zin van die parken.

Een lesje overheidsgeld binnenhalen. Verzin waarin jóuw regio sterk is. Staat er een landbouwuniversiteit in je regio, dan is het iets met voedsel. In het geval van een technische universiteit, is het ICT of technologie. En heb je de beschikking over een groot internationaal vliegveld, dan is het iets met vliegtuigen bouwen. Schrijf vervolgens een voorstel waarin in elke alinea de term kenniseconomie valt. Bedenk ten slotte een pakkende naam, het liefst een die eindigt op ‘valley’ of ‘port’.

Zijn je plannen af, stop ze in een envelop, en stuur ze naar het ministerie van Economische Zaken, een paar gemeenten en de Europese Unie. Overal zijn potjes beschikbaar. Het kabinet heeft een flinke pot geld opengetrokken ter stimulering van de kenniseconomie. En dus hebben we ondertussen alleen al in de naamcategorie ‘valley’ de Energy Valley, Food Valley, Health Valley, Medical Valley, Shipping Valley, KPN Valley, Technologie Valley en Aerospace Valley. Sommige bestaan al, sommige zijn nog van papier.

Euh, nee

Hartstikke mooi, die wildgroei aan valley’s en ports, maar weten we eigenlijk wel waarom we ze willen? Beleidsmakers zijn er van overtuigd dat het bij elkaar zetten van bedrijfjes en universiteiten leidt tot innovatie en samenwerkingen. Sandra Phlippen twijfelde aan die vooronderstelling en besloot er haar promotieonderzoek aan te wijden.

Phlippen keek naar 54 Europese bedrijfsparken voor de farmaceutische industrie. Gaan bedrijven en wetenschappelijke instellingen die daar zijn gevestigd écht meer samenwerken, doen ze daadwerkelijk samen ‘uitvindingen’? Euh, nee: het effect van geografische clustering is heel gering, bleek uit het onderzoek van Phlippen.

De wetenschapster: ‘Andere vormen van nabijheid zijn veel belangrijker. Relationele nabijheid bijvoorbeeld’. In dat geval gaat het om het netwerk dat een bedrijf heeft. ‘Stel voor je hebt drie bedrijven: A, B en C. De bedrijven A en B kiezen eerder voor samenwerking met elkaar als ze allebei al een keer met C hebben samengewerkt’. Het is zoiets als het hebben van een gemeenschappelijke vriend.

Nog belangrijker is volgens haar het begrip ‘cognitieve nabijheid’. Bedrijven moeten een kennisoverlap hebben, dezelfde ‘taal’ spreken, maar tegelijkertijd ook de ander iets nieuws kunnen bieden. Het komt echter zelden voor dat bedrijven dat in elkaar vinden op een bedrijfsterrein. Bedrijven en wetenschappers in de farmaceutische industrie die aan kruisbestuiving doen, vinden elkaar eerder op congressen of tijdens werkbezoeken.

Phlippen heeft alleen de farmaceutische bedrijfsparken onderzocht. We mogen dan ook niet zomaar zeggen dat haar bevindingen voor álleparken gelden. Toch zijn er volgens Phlippen maar weinig succesvolle bedrijfsparken. Bekende ‘goede’ voorbeelden zijn Silicon Valley en Cambridge. Phlippen: ’Bij 80 procent blijkt echter dat bedrijven nauwelijks iets met elkaar doen. Bedrijven gaan voornamelijk naar zo’n plek om de belastingvoordelen’.

Phlippen verdedigt donderdag haar proefschrift aan de Erasmus Universiteitteit Rotterdam

Obesitas factoren

October 6th, 2008

De site achter onderstaand plaatje laat de complexe relatie tussen factoren zien die bijdragen aan obesitas. Het plaatje maakt niet alleen inzichtelijk dat er vele factoren (108) zijn, maar ook dat genen (”het zit in de familie”) slechts een onderdeel van het geheel vormen.

obisitas factoren

Bekijk ook de site van het achterliggende project.

Da’s ‘n meevaller…

September 23rd, 2008

Want twee ongezonde leefgewoonten zijn niet twee keer zo duur (voor de verzekeringsmaatschappij, voor jezelf loopt het leven toch iets eerder af). Dit blijkt uit een onderzoek van het RIVM.

“Meervoudig ongezond gedrag leidt niet tot hogere zorgkosten
De combinatie van twee ongezonde gedragingen geeft welliswaar een grotere kans op vroegtijdig overlijden dan de risicoberekening hierover voor het afzonderlijke gedrag, maar deze is niet excessief groter. Mensen die twee ongezonde gedragingen combineren maken niet meer gebruik van de gezondheidszorg dan mensen met enkelvoudig ongezond gedrag. Dat blijkt uit een inventarisatie naar meervoudig ongezond gedrag door het RIVM. ” [via]

Het RIVM rapport in pdf.

Ieder wild dier zijn functie

June 20th, 2008

Gelukkig is het hieronder (klikken voor vergroting) geschetste utilisme tegenwoordig in conservatisme veranderd. De titel van het tijdschrift waarin dit artikel verscheen is wellicht net zo interessant: Ladies Home Journal

Via

Heb je het tegenwoordige als wild dier moeilijk, kom je na 300km zwemmen eindelijk aan op land, word je ‘uit voorzorg afgeschoten’.

Session @ Conference

April 16th, 2008

We are presenting our research in a session we organised for the CSG & UK EGN Network April ‘08 conference.

The working paper I refer to during the presentation is available here.
The forthcomming (August ‘08) article ‘Anticipating emerging genomics technologies’ in the GSP journal is available in poster format.